De bomen

De stammen in de tuin
 
Volwassen bomen, zowel bladverliezende bomen als wintergroene bomen, zowel fruitbomen als sierbomen, vormen een belangrijk element in elke tuin. Met hun statigheid (wat niet noodzakelijk synoniem is met grote afmetingen) verlenen ze zelfs aan de kleinste tuinen diepteperspectief en scheppen ze intieme en knusse hoekjes. 's Zomers bieden bladverliezende bomen aangename schaduwplekjes, terwijl ze hun naakte takken 's winters de weldoende zonnestralen doorlaten. Wintergroene planten daarentegen hebben esthetisch een streepje voor, vooral in de wintermaanden wanneer in de tuin weinig kleurvariatie heerst. Bomen leven lang en ontwikkelen grote wortels. Het is dus van belang om van meet af aan de juiste boom voor de juiste plaats of voor het juiste doel te kiezen.

Hoe kies ik de juiste boom?

Het is een goed idee om een lijst op te stellen van bomen die geschikt zijn voor de zone. Je kan die informatie ook proberen verkrijgen bij de groendienst van de gemeente. Je moet rekening houden met verschillende factoren, waaronder de grootte van de boom, zijn vorm en de snelheid waarmee hij groeit; of de boom bladverliezend dan wel wintergroen is; het aanpassingsvermogen aan het klimaat, de vereisten op het vlak van bodem en water, de ziektebestendigheid, de hoeveelheid bladeren, vruchten of afval die geproduceerd wordt. Daarbij komen natuurlijk nog de sierkenmerken van de boom: bloemschermen, kleur van de schors, kleur van de bladeren zowel in de herst als in de andere seizoenen.

Is dat alles?

Van zodra je een lijst met kandidaten hebt, kan je je wenden tot de lokale boomkwekers: de lijst zal verder ingekort worden en er kan rekening gehouden worden met andere variabelen zoals de bloesems, het tijdstip van bloeien of de herfsttinten, om dan over te gaan tot de eindselectie. Het verdient aanbeveling om in de buurt een volwassen exemplaar van de gekozen soort te zoeken, om een "blik op te toekomst te werpen". Indien de boomsoort van je keuze niet onmiddellijk beschikbaar is, moet je geduld oefenen: beter een gezond exemplaar van de juiste boom dan zomaar te allen koste iets planten.

Wanneer wordt een boom geplant?

Bladverliezende bomen (zowat alle fruitbomen) en een groot deel van de sierbomen worden geplant van eind oktober tot eind maart, afhankelijk van het lokale klimaat. Wintergroene bomen worden geplant van oktober tot november ofwel van maart tot april, als de grond vochtig maar niet bevroren is. Een uitzondering zijn de coniferen, die na het verplanten hun naalden verliezen zolang hun wortels niet genoeg vochtigheid uit de grond hebben geabsorbeerd: ze moeten in maart-april worden geplant.

Hoe plant je een boom?

Als hij uit een kwekerij komt, moet de boom op dezelfde diepte worden geplant als waarop hij gekweekt werd. De hals, te herkennen aan het merkteken dat de grond op de stam heeft achtergelaten, is het punt dat gelijk moet komen met de grond, zowel na het planten als nadat de grond zich gestabiliseerd heeft. Voor het planten moeten de takuiteinden lichtjes gesnoeid worden. De grond mag niet te nat zijn. Wanneer je de juiste positie in het gat hebt gevonden, moet je de boom en de steunstok vasthouden (met z'n tweeën lukt dat beter) en het gat beginnen vullen. Indien nodig mag de boom af en toe geschud worden om de grond beter tussen de wortels te krijgen. Wanneer alles bedekt is, giet je snelwerkende meststof en effen je het terrein met een vork. Rond de stam moet onkruid gewied worden. Als de grond te droog is, kan je sproeien.

Hebben alle bomen een steunstok nodig?

Ja, alle pas geplante bomen moeten de eerste jaren ondersteund worden. De puntige stok uit hout, kunststof of geplastificeerd hout moet vóór het planten in het gat worden aangebracht.

Hoe moet ik begieten?

Bomen met naakte wortels hebben geen extra water nodig tot twee à vier weken nadat ze weer zijn beginnen groeien. Bomen afkomstig uit potten of met (weinig) wortels in een kluit moeten regelmatig begoten worden zolang hun wortels zich niet in de nieuwe grond hebben genesteld. Als het erg warm is, moet je om de twee tot drie dagen water geven. 

Hebben citrusbomen bijzondere behoeften?

Citrusbomen zijn subtropische wintergroene planten die in Italië vooral in de regio's Sicilië, Calabrië, Sardinië en deels in Campanië, Basilicata, Puglia en Lazio in volle grond kunnen worden geplant. Als sierplanten kunnen ze ook noordelijker worden gehouden, in Ligurië of rond het Gardameer. Citroenbomen, sinaasappelbomen en mandarijnbomen kunnen ook in kleine tuinen en zelfs op terrassen worden gekweekt, in grote vazen die 's winters binnen worden beschut (de diameter van deze vazen moet overeenstemmen met tweederde van de diameter van de kruin van de plant). Alle citrusbomen hebben behoefte aan lichte, vruchtbare, zanderige grond of in ieder geval grond met een uitstekende afwatering.

Waar plant ik best (g)een boom?

Vermijd snelgroeiende planten in de buurt van huizen: de wortels kunnen de muren en de funderingen beschadigen. Een boom dient niet alleen om schaduw te bieden: een groot exemplaar voor de woning op een kleine oppervlakte kan buiten proportie lijken. Wanneer je groepjes bomen plant, moet de afstand tussen twee bomen gelijk zijn aan de helft van de som van de maximale hoogte van de twee exemplaren. Er moet ook rekening worden gehouden met de nationale en lokale voorschriften die het aanplanten in de buurt van eigendommen beperken.

Wanneer moet ik snoeien?

De ontwikkeling van de bomen kan best minstens eenmaal per jaar worden gecontroleerd. Uitstekende takken kunnen gevaar opleveren, vooral als ze buiten je eigen tuin vallen. De kruinen van de grote bomen kunnen waar nodig bijgesnoeid worden. Voor een evenwichtige vertakking rond de centrale as en een goede zijdelingse groei kunnen verschillende snoeiwerken nodig zijn. Planten met overmatige vertakkingen moeten verlicht worden met klein snoeiwerk. Het verdient aanbeveling zwakke, verdroogde of beschadigde takken te verwijderen.

In welke periode moet ik snoeien?

Gewoonlijk worden coniferen niet gesnoeid, tenzij de boom zich vertakt in twee kruinen. Voorts is het beter de laagste en dode takken van oude planten te verwijderen door ze vlak tegen de stam af te snoeien. Bladverliezende bomen worden gesnoeid na het vallen van de bladeren, dus van november tot februari. Wintergroene bomen worden in maart of april gesnoeid, indien nodig.

Tips voor het eventuele omhakken van bomen

Er zijn talloze redenen om een boom om te hakken: ouderdom, ziekte, overdreven groei, verkeerde plaatsing. Als het om een grote boom gaat en je niet helemaal zeker bent, kan je beter een specialist raadplegen. Voor middelgrote bomen kan je best een kabel, die natuurlijk langer is dan de hoogte van de boom, bevestigen aan een tak die wijst in de richting waarin je de boom wilt vellen (de boom wordt op voorhand zoveel mogelijk gesnoeid). Maak vervolgens met de kettingzaag een wigvormige inkeping aan de tegenovergestelde kant van de valrichting en laat de boom dan vallen door aan de kabel te trekken. Het is beter om met zijn tweeën te werken en gepaste kleding te dragen, alsook handschoenen, stevige en bij voorkeur snijbestendige schoenen en natuurlijk een oogmasker als bescherming tegen houtspanen en ander afval. Met oorstoppen of oordoppen heb je minder last van het lawaai.

Waarom een kettingzaag?

Voor hobbywerkjes, om te snoeien, om brandhout te snijden, om bomen te kappen, te knotten en te verzagen, om een stronk in stukken te snijden. Dit geeft al een idee van hun vermogen en hun uiterst gevarieerde gebruikstoepassingen.

Is een kettingzaag moeilijk om te gebruiken?

Met enkele trucjes en wat aandacht, zeker niet. Regel nummer één voor het gebruik van de kettingzaag is dat je ontspannen moet zijn. Regel nummer twee is dat je meteen moet leren hoe ze veilig te gebruiken. Als je geen vriend hebt die meer ervaring heeft om de tips van de handleiding en het onderhoudsboekje van de producent in de praktijk om te zetten, wend je dan tot de verkoper. Een goede verkoper zal je nooit een kettingzaag verkopen tenzij je hebt bewezen dat je de ketting correct kan opspannen, de machine veilig kan opstarten en ze op de juiste manier kan vasthouden. Je kan je steeds tot de winkel wenden voor het slijpen van de ketting, voor periodieke controles of voor een onderhoud buiten het seizoen.

Welk model moet ik kiezen?

De keuze van het model hangt af van het type werk, de intensiteit en de frequentie ervan. Er is een brede keuze die gaat van elektrische modellen, ontwikkeld voor kleine werkjes in particuliere tuinen, waar de machine vrij stil, licht en makkelijk te gebruiken moet zijn, tot modellen met een benzinemotor. Die verschillen onderling door hun cilinderinhoud, vermogen, lengte van het blad en opties. De modellen met een kleine cilinderinhoud beschikken over talloze oplossingen om het opstarten en het gebruik te vergemakkelijken. Ze zijn ideaal voor het onderhoud van tuinplanten, voor het verzagen van brandhout en voor het kappen van kleine en middelgrote stammen. De meer professionele modellen zijn geschikt voor frequent en bijzonder intensief gebruik, zoals het omhakken, knotten en verzagen van middelgrote en grote stammen.

Bestaan er kettingzagen voor specifieke doeleinden?

Er zijn specifieke kettingzagen verkrijgbaar voor snoeiwerk. Die zijn licht, compact en wendbaar maar ze hebben een groot vermogen en snelheid om recht en precies te snijden zonder de schors te beschadigen. Ze zijn uitgerust met een bijzondere handgreep met een duimsteun.

Wat zijn de veiligheidsmechanismen?

Vraag altijd naar een kettingzaag met een anti-terugslagketting, uitgerust met een preventiesysteem tegen onopzettelijk opstarten en een inertiële kettingrem. Dit mechanisme bevindt zich voor de bovenste handgreep en stopt automatisch de ketting ingeval van kickback, met andere woorden de bruuske terugslag die optreedt wanneer de machine niet op juiste wijze – bijvoorbeeld met de punt – in het hout wordt gezet.

Hoe schakel je een kettingzaag aan?

De veiligste methode bestaat erin de kettingzaag eerst op de grond, op een vlak terrein te leggen en ervoor te zorgen dat er geen obstakels in de buurt zijn en dat de ketting niet in contact komt met de grond, met stenen, rotsen of struiken. Plaats een voet in de achterste handgreep, schakel de kettingrem in, druk de starter in en druk op de startknop. Plaats de andere hand op de bovenste handgreep en trek met een snelle beweging de startkabel volledig uit. Wanneer de kettingzaag aangeschakeld is, zet je de starter uit. Nadat je de kettingrem hebt uitgeschakeld, druk je de gashendel een paar keer in.

Hoe werkt een pruner voor het snoeien?

Gewoon door de kop van een bosmaaier te halen en die te vervangen door deze applicatie. In de praktijk is dit een kleine kettingzaag die bijzonder geschikt is voor snoeiwerk; dankzij de lange transmissiestang kan je in de hoogte werken terwijl je zelf op de grond blijft staan, zodat je geen ladders of mechanische middelen nodig hebt. Het profiel van de ketting is speciaal ontworpen om elk mogelijk terugslageffect te vermijden en zo de veiligheid te garanderen.

Een laatste tip, maar eigenlijk de belangrijkste.

Beschermende kleding moet beschouwd worden als een deel van de kostprijs van een kettingzaag. Pas na de aankoop van die kleding kan je een kettingzaag leren gebruiken. Een snijbestendige jas, broek en schoenen, een helm, handschoenen, oogbeschermers en oordoppen mogen niet louter als opties worden beschouwd.
© 2002-2014 Bemak Benelux NV
Wenenstraat, 7 - 2321 Meer - Tel 0032 (0)3 6850773 - Fax 0032 (0)3 685 0843
| voorwaarden en bepalingen | credits | info@bemakbenelux.be | all right reserved |
XHTML